Wilhelmina op reis: 1898 -1923

PRB01_145581195_001_X

In 1923 viert Koningin Wilhelmina haar 25-jarig regeringsjubileum. Dat vraagt om een gelegenheidsuitgave: De koningin op reis: 1898-1923.

PRB01_145581195_002_X

Onze lieve vorstin reist per trein langs de afbeeldingen in het prentenboek. Giethoorn, Friesland, Amsterdam, een heidebrand in Drente, het leger in mobilisatietijd, Rotterdam en een overstroming.

PRB01_145581195_003_X

In Amsterdam wordt de Koninklijke Familie op het balkon van het Paleis op de Dam begroet: ‘Men juicht van vreugd en zwaait met pet en hoed‘. Het regeringsjubileum is niet ongemerkt voorbijgegaan. Houzee!

PRB01_145581195_004_X

De Amsterdamse uitgever Ph. van Amerongen laat de koningin niet afreizen naar de zuidelijke provincies. Of naar de Oost. Of de West. Er zijn grenzen aan een prentenboek van 10 pagina’s. Festijn is hoofdzaak.

PRB01_145581195_005_X

Het Jubileums-Prentenboek is bedoeld voor de ‘Nederlandsche Jeugd‘. Een royaal gebaar. Ook reist de koningin naar Zweden en Noorwegen. Als een moderne Betzy Akersloot. Een artistieke invloed op Wilhelmina. Roodwitblauw in top. Met de stoomboot door de fjorden.

PRB01_145581195_006_X

Foto’s: Illustraties uit het prentenboek: ‘De koningin op reis 1898-1923‘ (1923).

Late Spring: Yasujiro Ozu (1949)

Filmen is zo simpel. Niet overhaasten, tijd nemen. Op zithoogte. Banshun (Late Spring) uit 1949 van Yasujiro Ozu is verzadigd van ‘Japansheid’. Tempels, zentuinen, het landschap rond Kyoto. David Bordwell merkt in z’n monografie op dat het dient om het traditionele Japan te verzoenen met het nieuwe liberalisme van de bezettingstijd. Dat blijkt uit de fietsscène. Het kon ook een tochtje langs de Italiaanse Po zijn in een neo-realistische film als Luchino Visconti’s Ossesione (1943).

De vader (Chishu Ryu) liegt de dochter (Setsuko Hara) voor dat-ie hertrouwt zodat zij gerust kan trouwen. Van haar hoeft het niet. Maar als 25-jarige (‘Late Spring’) moet ze op zoek naar een man. De moderniteit van het naoorlogse Japan dwingt haar in een eng individualisme zonder zeggenschap. Wat mag ze denken? Verandering komt ten koste van iets. Dat besef ontroert. Niet uit vals sentiment, maar als verbeelding van de vergankelijkheid. De vader geeft dat iets door aan de dochter. Met liefde.

09_18_08i

Foto: Still van trouwscène uit Banshun (1949) van Yasujiro Ozu met vader (Chishu Ryu) die naar dochter (Setsuko Hara) kijkt.

Prokudin-Gorsky kleurt Rusland in foto’s: 1905-1917

20341v

Sergei Mikhailovich Prokudin-Gorsky (1863-1944) was een Russische fotograaf. Vanaf 1905 ontwikkelt hij een methode om kleurenfoto’s te maken. Met medewerking van tsaar Nicolaas II reist hij tot 1917 door het keizerrijk. Hij legt kerken, natuur, stadsgezichten, monumenten, volkeren en industrialisatie vast. Met een educatief doel.

429

De foto’s stralen verstilling uit. Mede veroorzaakt door het procedé dat de onderwerpkeuze beperkt. Er werden drie aparte foto’s met een geel, cyaan en magenta filter genomen. Herkenbaar aan de kleuren buiten de rand. De onderwerpen moesten bevroren worden. Het lukte Prokudin-Gorsky tijdens z’n leven niet de opnamen correct in kleur af te drukken.

03940v

1915. Prokudin-Gorsky zit in Moermansk naast twee mannen in kozakkenkleding. In 1948 koopt het Library of Congress de collectie. En drukt de rafelranden weg. Dat oogt terughoudend. Andrei Rublev en Theophanes de Griek lijken op te duiken in een fresco. Als in een film van Andrei Tarkovski die de Russische ziel zoekt. Vol spirituele beelden.

894

Foto 1: Kem-Pristan, groep spoorwegbouwers, 1916.

Foto 2: Zubtsov, aan de overkant van de Volga, 1910.

Foto 3: Groep, Moermansk. Rechts Sergei Mikhailovich Prokudin-Gorsky, 1915.

Foto 4: Fresco in de Kerk van Sint Joris (Staraia Ladoga), 1909.

Sweet Smell of Success: 1957

Sweet Smell of Success is een meesterwerk van Alexander Meckendrick uit 1957. Journalist J.J. Hunsecker is Burt Lancaster. Martin Milner speelt Steve Dallas, een gitarist in een jazzkwintet die iets krijgt met Hunseckers zus. Deze verhindert dat en neemt daartoe Sidney Falco in de arm. Gespeeld door Tony Curtis. Hunsecker is meedogenloos.

Chico-Hamilton-Quintet1-1

Een onderschrift bij een foto omschrijft het perfect: ‘The Chico Hamilton Quintet appeared in several scenes and helped shape the film’s hip, modernistic late-1950s atmosphere‘. De sfeer van Johnny Staccato of The Connection. Trouwens meer clichésituatie, dan echte vrijheid die het suggereert. Pas rond 1959 bevrijdt de jazz zich naar vrijere vormen. De muziek liep zo enkele jaren vooruit op wat in de jaren ’60 zou komen.

The Chico Hamilton Quintet-2

Foto 1: Success: ‘The Chico Hamilton Quintet appeared in several scenes and helped shape the film’s hip, modernistic late-1950s atmosphere’

Foto 2: Hoes van het album uit 1957 met muziek van ‘Sweet Smell of Success‘ door het Chico Hamilton Quintet.

De Max Factor factor: 1953-1955

4304937616_db7057943e

Op 17 april 1953 arriveert de cosmetica-reus Max Factor op Schiphol. Met zijn echtgenote Mildred Dorothy Cohen-Factor. De bekende fotojournalist Ben van Meerendonk legt het vast. Dorothy bezwijkt bijna onder de bloemenhulde. Wonderful, zegt ze wellicht. Geloken kijkend naar het platform. Max is ook aangenaam verrast. Met een fles jenever?

4178863088_78b4bbf234

Op 5 februari 1955 doet Van Meerendonk het over. Om het goed te maken? Hij fotografeert een geheimpje dat op ieders lip komt. Op een reclamebord ergens in Amsterdam. Chief Whip op ieders lip? Een slogan uit 1933? Nee, color-fast lipstick van Max Factor Hollywood. Die factor.

RA01_30051001479580_U

Foto 1: Ben van Meerendonk, Max Factor, 17 april 1953. Credits: IISG.

Foto 2: Ben van Meerendonk, Max Factor reclame, 5 februari 1955. Credits: IISG.

Foto 3: Affiche ‘Chief Whip op ieders lip!’, 1953-1954

Ballon: Het jaar 1804!!!

02324r

In 1794 wordt de toekomst voorspeld. Voor 1804. De lucht is de weg omhoog. Met een ballon. Da’s het toekomstvisioen. Die gedachte alleen al maakt omstanders hysterisch. Ze gillen het uit. En kopen een kaartje. ‘Lust tot Onderzoek‘ prikkelt ze. In naam van de wetenschap. Er is echter een probleem: het lukt niet de ballon op te blazen. De menigte wordt op afstand gehouden door militairen met getrokken zwaard.

02325r

Ballonvaart hield mensen bezig, zoals de ansichtkaarten over een recent verleden van eind 19de eeuw laten zien. Opstijgen en vallen. Dat maakt het spannend. Mislukken in de dood grenst aan succes. De helden zijn vergeten: Louis-Sébastien Lenormand, Jean-Marie-Joseph Coutelle, André-Jacques Garnerin of Thomas Harris. Een weg omhoog.

02561v

Foto 1: Het jaar 1804!!!; met de hand ingekleurde ets, 1794.

Foto 2: Het jaar 1804!!!; met de hand ingekleurde ets, 1794.

Foto 3: ‘Collecting cards with pictures of events in ballooning history from 1795 to 1846‘.

Balloon Man Leaning Against

Kinderen verkopen in 1917 ballonnen en zakdoeken op de markt van Boston, Massachusetts. Sociaal fotograaf Lewis Wickes Hine legt het als protest tegen kinderarbeid vast met zijn camera. Later leunt een volwassen ballonverkoper tegen een paal. Waarschijnlijk in Washington DC de verblijfplaats van fotograaf Theodor Horydczak. Pose of pauze?

In Chinatown, San Francisco verkoopt een joodse ballonverkoper ballonnen. Op een willeurige straathoek. Rond 1900, en nog voor de aardbeving van 1906. Met zijn verborgen camera verkent Arnold Genthe het Oude Chinatown. Voordat het verdwijnt blikt-ie de beelden in.

Balloon is opgeblazen lucht. Een illusie die aan de aarde ontstijgt. Techniek die door de eeuwen heen de straat bereikt. Arnold Genthe drukt terloops zijn eigen schaduw -met hoed- af op het trottoir als een Chinees meisje met vader passeert. Beelden vechten om aandacht, en hebben een recept dat slechts weinigen kennen: authenticiteit. Lewis Hine, Theodor Horydczak en Arnold Genthe hadden het. Wij blijven kijken.

Foto 1: Lewis W. Hine, Selling balloons and handkerchiefs at market. Boston, Massachusetts, 27 januari 1917.

Foto 2: Theodor Horydczak, Balloon man. Balloon man leaning against post, 1920-1950

Foto 3: Arnold Genthe, Jewish balloon man, Chinatown, San Francisco, 1896-1906

Foto 4: Arnold Genthe, Holiday Visit, Chinatown, San Francisco, 1896-1906

Sidney Bechet in Berlin (1930)

Lilian Harvey en Will Fritsch spelen de hoofdrol in Einbrecher van Hanns Schwarz. Het is 1930. Sidney Bechet (1897- 1959) en zijn band spelen in de Palmenbar van het Berlijnse Haus Vaterland. Stan Douglas danst. De song is ‘Ich lass mir meinen Koerper schwarz bepinseln‘ van Friedrich Hollaender. De portrettering van zwarte musici stemt tot nadenken. Het exotisme is niet negatief. Pas drie jaar later grijpen de nazi’s de macht. En klinkt er geen Entartete Musik meer in Duitsland.

Ach wie herrlich ist es in Paris
die Frauen sind so süß
und dennoch ist mir mies!
Jeden Abend Smoking oder Frack
So geht das Tag für Tag
das ist nicht mein Geschmack!!

Ich lass mir meinen Körper
schwarz bepinseln schwarz bepinseln
und fahren nach den Fitji Inseln –
nach den Fitji Inseln!

Foto: 1 The Port of Harlem Jazzmenv.l.n.r: J.C. Higginbotham – Sidney Bechet – Sidney Catlett – Johnny Williams en Frank Newton. Gitarist Teddy Bunn zit vooraan. Credits:Mosaic Records

Foto 2: Entartete Musik

Afbeelding van een verongelukte auto: L. H. Hofland (1965-68)

De Utrechtse fotograaf L.H. Hofland (1909-1987) begon in 1927 met fotograferen en werkte daarna bijna 45 jaar als persfotograaf, waarvan 43 jaar in Utrecht. Afwisselend als vaste fotograaf voor verschillende Utrechtse kranten en als freelance fotojournalist. In 1973 verwierf Het Utrechts Archief zijn gehele negatievencollectie. In 2010 kreeg Hofland een tentoonstelling ‘Utrecht in de jaren ’60. Zoals dat heet: ’n tijdsbeeld.

Verongelukte auto’s verdienen in de jaren ’60 in Utrecht een foto. Een serveerster ramt op 27 juni 1966 de gevel van de Nachtegaalstraat 40. En op 6 juli 1965 staat een verongelukte auto op de Catharijnesingel/ Amsterdamsestraatweg. De Daf met het nummerbord ‘37-96-EG‘ op 3 oktober 1968 geeft het meest trieste plaatje. De krant zegt: ‘Dr. E. van der Schoot na aanrijding overleden: Ernstig ongeluk op rijksweg 22.

Collega-fotograaf R. Troost legt Hofland in 1972 vast. Ofwel: Fotopersbureau Hofland. Met zijn Linhof Technika loopbodemcamera.

Foto 1: L.H. Hofland, Afbeelding van een verongelukte auto op de Rijksweg 22 te Utrecht, ter hoogte van de Tamboersdijk, 1968. Credits Utrechts Archief

Foto 2: L.H. Hofland, Afbeelding van een verongelukte auto tegen de voorgevel van het huis Nachtegaalstraat 40 te Utrecht, 1966. Credits Utrechts Archief.

Foto 3: L. H. Hofland, Afbeelding van een verongelukte auto op de Catharijnesingel / Amsterdamsestraatweg te Utrecht, ter hoogte van de kruising met de Leeuwstraat, 1965. Credits Utrechts Archief

Foto 4: R. Troost, Portret van de Utrechtse fotograaf L.H. Hofland (1909-1987) met zijn Linhof Technika loopbodemcamera.

The Pied Pipers en Frank Sinatra dromen (1941-51)

De Pied Pipers Chuck Lowry, Louanne Hogan, Clark Yocum en Hal Hopper zingen in 1951 ‘Dream‘. In een Telescriptions van Louis Snader. Met het Ernie Felice Quartet en de hemelse klanken van de celesta. De standard van Johnny Mercer maken de Pied Pipers in 1945 tot een hit.

Dream, when you’re feeling blue
Dream, that’s the thing to do
Just watch the smoke rings rise in the air
You’ll find your share of memories there

So dream when the day is through
Dream, and they might come true
Things never are as bad as they seem
So dream, dream, dream

Louanne Hogan maakt in 1951 deel uit van de groep. Al een jongere generatie na Jo Stafford en June Hutton. Zelfs vandaag bestaat de zoetgevooisde vocale groep nog. Maar de swing van de jaren ’30 en ’40 is het hoogtepunt. Samen met Frank Sinatra en de big band van Tommy Dorsey. In 1941 zingen de Pied Pipers en The Voice ‘Look at me Now’ van pianist Joe Bushkin en John DeVries. Het begin van een vriendschap. Tussen Sinatra en de bobby soxers, en met de Pied Pipers.

I’m not the guy who cared about love 
And I’m not the guy who cared about fortunes and such 
I never cared much 
Oh, look at you now! 

Foto: Van links naar rechts: Tommy Dorsey, Chuck Lowry, Jo Stafford, Frank Sinatra, Clark Yocum en John Huddleston, 1941-42