Earl Bostic (1913-1965): Heavy op altsax

In de jaren ’70 kocht ik op het Waterlooplein een 78-toerenplaat met dit nummer. En op de andere kant Sweet Lorraine. Ik kende vaag de naam van de uitvoerder en kon mijn oren niet geloven toen ik thuis de plaat speelde. Met op vibes Gene Redd. De Wikipedia-pagina over Earl Bostic is of gekaapt door zijn nabestaanden of het vertelt de waarheid. Namelijk dat Bostic de technisch meest begaafde altsaxofonist was die zelfs die andere meester op alt Charlie ‘Bird’ Parker de baas was. Zou het echt?

EB

Het doet Earl Bostic (1913-1965) hoe dan ook tekort om hem de scheurende sax van de R&B te noemen die ruw huilebalk (cry-baby) songs speelt. Midden in de traditie staand verbindt hij Sidney Bechet met John Coltrane. Maar het is lastig oordelen want hij zette zijn ultieme technische kunnen nooit op de plaat. Tegen die andere alt Lou Donaldson zei hij: ‘Don’t play anything you can play good on a record, because people will copy it.’ Grootspraak? In elk geval jammer. Daarom moeten we het doen met Earl Bostic zoals hij niet is. Maar da’s goed genoeg.

Advertenties

Tin Tan en de Mambo (1950-1951)

Tin Tan (1915-1973) geboren als Germán Valdés was een populaire Mexicaanse muzikale komiek en acteur die speelde in meer dan 100 films. Tijdens de gouden eeuw van de Mexicaanse cinema (1936-1969) kon hij floreren. Het fragment uit El Revoltoso (1951) toont zijn timing, humor, bravoure, meesterschap en danskunst. Tin Tan is een kruising van Jackie Chan, Victor Borge, André van Duin en Los Tres Gallos Mexicanos.

garcia_cabral01_big

¡ Hu !
Sí, sí, sí, yo quiero mambo, mambo
Sí, sí, sí, yo quiero mambo, mambo
Sí, sí, sí, yo quiero mambo…¡ Hu !

De in de late jaren ’40 door Perez Prado gepopulariseerde mambo is de achtergrond van het fragment van Simbad El Mareado (1950). Om er vanaf te wijken. Prado had zich in 1949 in Mexico Stad gevestigd. Zijn ‘Yo quiero mambo’ (of Mambo no. 5) gaat over in een parodie van Noord-Amerikaanse bebop met scatzang in de uitbundige versie zoals Dizzy Gillespie die na 1945 praktiseerde in nummers als ‘A Night in Tunisia’. Al een parodie op zichzelf. Om dat te overtreffen gaat Tin Tan over de top.

Foto: Affiche van Ernesto Cabral van Simbad El Mareado (Sinbad, de Duizelige).

Route 66: Bobby Troup (1964)

Pianist, songwriter en acteur Bobby Troup (1918-1999) speelt in 1964 het in 1946 door hem geschreven nummer ‘Route 66‘. Over de autosnelweg tussen Chicago en Los Angeles. Nat King Cole neemt het al in 1946 op. Het filmpje begint met zangeres Julie London, de echtgenote van Troup. In een Snader Telescription uit 1951 speelt Nat King Cole het nummer met Irving Ashby (g), Joe Comfort (b) en Jack Costanzo (conga).

If you ever plan to motor west,
travel my way, take the highway that is best.
Get your kicks on Route sixty-six.

It winds from Chicago to LA,
more than two thousand miles all the way.
Get your kicks on Route sixty-six.

Now you go though Saint Looey
Joplin, Missouri,
and Oklahoma City is mighty pretty.
You see Amarillo,
Gallup, New Mexico,
Flagstaff, Arizona.
Don’t forget Winona,
Kingman, Barstow, San Bernandino.

Foto: Bobby Troup en Julie London, 1955-1960

The Pied Pipers en Frank Sinatra dromen (1941-51)

De Pied Pipers Chuck Lowry, Louanne Hogan, Clark Yocum en Hal Hopper zingen in 1951 ‘Dream‘. In een Telescriptions van Louis Snader. Met het Ernie Felice Quartet en de hemelse klanken van de celesta. De standard van Johnny Mercer maken de Pied Pipers in 1945 tot een hit.

Dream, when you’re feeling blue
Dream, that’s the thing to do
Just watch the smoke rings rise in the air
You’ll find your share of memories there

So dream when the day is through
Dream, and they might come true
Things never are as bad as they seem
So dream, dream, dream

Louanne Hogan maakt in 1951 deel uit van de groep. Al een jongere generatie na Jo Stafford en June Hutton. Zelfs vandaag bestaat de zoetgevooisde vocale groep nog. Maar de swing van de jaren ’30 en ’40 is het hoogtepunt. Samen met Frank Sinatra en de big band van Tommy Dorsey. In 1941 zingen de Pied Pipers en The Voice ‘Look at me Now’ van pianist Joe Bushkin en John DeVries. Het begin van een vriendschap. Tussen Sinatra en de bobby soxers, en met de Pied Pipers.

I’m not the guy who cared about love 
And I’m not the guy who cared about fortunes and such 
I never cared much 
Oh, look at you now! 

Foto: Van links naar rechts: Tommy Dorsey, Chuck Lowry, Jo Stafford, Frank Sinatra, Clark Yocum en John Huddleston, 1941-42

Sarah Vaughan on Telescriptions: 1951

Lou Snader maakt in 1951 en 1952 zijn telescriptions. Filmpjes van 3 minuten die direct worden opgenomen. In You’re Mine You! zingt Sarah Vaughan (1923-1990) The Nearness of You van Hoagy Carmichael met tekst van Ned Jones. Op het dak. Een vast nummer op haar repertoire:

Why do I just wither and forget all resistance
When you and your magic pass by
My hearts in a dither dear
When you’re at a distance
But when you are near, oh my

Its not the pale moon that excites me
That thrills and delights me,
Oh no
Its just the nearness of you

Het later bijgekleurde You’re Not The Kind van Will Hudson met tekst van Irving Mills neemt Sarah Vaughan ook op in de fameuze sessie met Clifford Brown in 1954. Het vormt de schatkamer van de jazz.

The Divine One scoorde hits als Broken Hearted Melody. Toch had ze minder faam dan Billie Holiday of Ella Fitzgerald. Groot bereik, vibrato en soepele stem voor de bebop maakten haar de betere zangeres. These Things I Offer You van Morty Nevins, Bennie Benjamin en George Weiss bieden Sassy in 1951 een andere jurk en oorbellen in hetzelfde decor.

Foto: Sarah Vaughan met pianist in het decor van een Telescriptions-filmje, 1951

Ragazzi d’Italia: 1951-1958

Kijken uit liefde wordt scopofilie of voyeurisme genoemd. In de feministische filmtheorie blokkeert de mannelijke blik de plek en het plezier van vrouwen in de bioscoop of bij het bladeren in een tijdschrift. Het geeft te denken hoe mannen zich ontwikkelen. Alleen aan tafel ontmoet Sophia Loren in 1958 blikken. Maar niet van de mannen in het zwart achter haar. Want die kijken naar degenen die naar La Loren kijken.

Sommige beelden lijken gemaakt om vooroordelen over mannen te bevestigen. Maar hoe komen ze tot stand? Ruth Orkin ziet dat studente Jinx Allen in Florence aandacht trekt en laat haar nogmaals door de haag mannen lopen. Orkin drukt af en haar faam is gemaakt. De mannelijk blik staat er krachtig op. Of het wel of niet is geënsceneerd. Onbeweeglijk.

Foto 1: Sophia Loren in Merano, 1958.

Foto 2: American Girl in Italy, Florence, 22 augustus 1951. Credits: Ruth Orkin

Herfstbladeren met Yves Montand (1951)

Yves Montand zingt Les Feuilles Mortes van dichter Jacques Prévert en componist Joseph Cosma in Parigi è sempre Parigi van Luciano Emmer. Parijs is altijd Parijs. Oudere zussen houden ervan.

Montand is 20 jaar dood. Zijn presentatie tussen chanson en jazz bedient de puristen niet. Maar alle anderen wel. Herfstbladeren leven altijd voort met de melancholie van het herinneren en het niet vergeten:

C’est une chanson qui nous ressemble,
Toi tu m’aimais et je t’aimais
Et nous vivions tous deux ensemble,
Toi qui m’aimais, moi qui t’aimais.

Mais la vie sépare ceux qui s’aiment,
Tout doucement, sans faire de bruit
Et la mer efface sur le sable
Les pas des amants désunis

Les Feuilles Mortes wordt door Johnny Mercer vertaald als Autumn Leaves en een instant jazz-klassieker. Miles Davis kiest het in 1958 voor Somethin’ Else van Cannonball Adderly. Middenin zijn Franse periode.

Foto: Yves Montand tussen filmopnamen van La Legge (1959) van Jules Dassin

Ace in the Hole (1951)

Ace in the Hole (1951) van Billy Wilder gaat over beroemdheid en media. Kirk Douglas is de cynische journalist Charles Tatum met als lijfspreuk Bad news sells best. Cause good news is no news. Krachtig voorspelt de film de macht van de media en de manipulatie. Omdat het echte publiek echter afhaakte werd dit slechte nieuws geen succes.

Ace in the Hole vertelt over een man die klem zit in een gat. De troef die door de journalist opgeofferd wordt. Het doet denken aan het meisje Omayra Sánchez dat in 1985 na een vulkaanuitbarsting klem komt te zitten in een put. En onder grote mediabelangstelling sterft. Het verhaal van de film is gebaseerd op voorvallen rond Floyd Collins (1925) en Kathy Fiscus (1949) die beiden het leven laten tijdens de reddingsoperatie.

De foto van Kathy Fiscus’ reddingspoging toont dat de film meer overeenkomt met de werkelijkheid dan we dachten. Of hoopten.

Foto 1: Kirk Douglas als Charles Tatum en Porter Hall als Jacob Q. Boot in Ace in the Hole

Foto 2: Poster van Ace in the Hole met Kirk Douglas

Foto 3: Reddingswerkers proberen Kathy Fiscus te bereiken die in een put viel, 1949. Credit: Image courtesy Bill Deverell

1950-1960 Amsterdam Nieuw-West

Stenen zonder mensen, da’s het ideaal van sommige architecten. Stadsplanner Le Corbusier zag de mens als sluitsteen. Goede wijken veranderen mee. De Bijlmer of het Utrechtse Kanaleneiland konden dat niet. Uit nostalgie resteert een beeld van een maakbare samenleving die begint bij een leeg landschap en eindigt bij de Stichting Goed Wonen.

Zestig jaar geleden werd de eerste paal geslagen voor Slotermeer. In het stadsarchief loopt een tentoonstelling: Amsterdam Nieuw-West ’50-’60. De toelichting beoordeelt de opzet van de buurten als goed doordacht. Over de maakbaarheid kan men echter ook anders oordelen.

Foto 1: Jan Abelszstraat, 1957-1958 (nr nieuwwest02)

Foto 2: Het complex Sloterhof tussen de Cornelis Lelylaan en de Comeniusstraat, 1960 © Cas Oorthuys / Nederlands Fotomuseum (nr nieuwwest03)

The Day the Earth Stood Still

In 1951 woedt in de VS paranoia. Joseph McCarthy ageert tegen on-Amerikaanse activiteiten. In The Day the Earth Stood Still hebben Klaatu en zijn robot Gort het beste voor met de mensheid. Mensen moeten in vrede leven, of de aarde zal door de andere planeten worden vernietigd. Communicatie is niet makkelijk. Het wordt een heel gedoe.

Reporter: I suppose you are just as scared as the rest of us. 
Klaatu: In a different way, perhaps. I am fearful when I see people substituting fear for reason.  

In de soundtrack van Bernard Hermann klinkt de theremin van Samuel J. Hoffman. Het instrument dat niet aangeraakt wordt maar via electromagnetische velden in de lucht wordt bespeeld. In de naoorlogse jaren komt het ongrijpbare binnen bereik. Vanuit geest of outer space.

Foto: Dr. Hoffman in 1947, op een van de opnamesessies voor de Perfume Set To Music