Church Bells May Ring: The Willows (1956)

Lead singer Tony Middleton en The Willows scoren in 1956 de hit ‘Church Bells May Ring‘. Een crossover van jazz, soul, R&B en Doo-Wop. Met een volop swingend orkest. En Neil Sedaka op chimes, klokkenspel, zo zegt de legende. De Canadese The Diamonds pikken het nummer op en brengen het nog hoger op de pop charts. Allerlei groepen coveren. The Willows profiteren er nauwelijks van. De tragiek van de muziekindustrie.

Ow-woh, ling a-ling a-ling,
A-ling a-ling, ding-dong,
(Ling, ling-dong.)
I love you, darlin’,
And I want you for my own.
(Ling, ling-dong.)
I’ll give you any-…
Anything that I own,
(Ling, ling-dong.)
You should have known,
Sweethea-ah-ah-art.

willows-2

In het Louis de Funès vehicle Nous irons à Deauville uit 1962 gaat Michel Serrault naar Deauville. Tony Middleton zingt als Tony Milton ‘Oh yeah ah ah!‘. Een slappe echo van de Church Bells. Hij woont begin jaren ’60 in Frankrijk. Want het leven gaat verder. Ook na een hit die er geen kon zijn, maar het uiteindelijk toch werd. Door de kwaliteit van de muziek.

Foto: The Willows in 1956.

Advertenties

Carl Perkins in 1959: Blue Suede Shoes

Rockabilly ster Carl Perkins (1932-1998) treedt op 6 juni 1959 op in Town Hall Party van Tex Ritter. Met zijn zelfgeschreven standard Blue Suede Shoes, dat-ie eind 1955 opnam. De eerste million-seller in country, rhythm & blues en pop. Voordat Elvis er in 1956 mee scoort. Perkins speelt sneller dan voorheen door het up-tempo dat Elvis eraan meegaf.

Well, it’s one for the money,
Two for the show,
Three to get ready,
Now go, cat, go.

But don’t you step on my blue suede shoes.
You can do anything but lay off of my Blue suede shoes.

Well, you can knock me down,
Step in my face,
Slander my name
All over the place.

In Town Hall Party speelt Perkins ook zijn eigen Matchbox. Samen met his boys’ van de Perkins Brothers Band met zijn broers Clayton (bas) en Jay (slaggitaar). De eind 1956 opgenomen blues wordt opnieuw een rock klassieker. In 1964 coveren The Beatles het met succes.

Yeah I’m sitting here wondering, will a matchbox hold my clothes
Yeah I’m sitting here wondering, will a matchbox hold my clothes
I got no matches, got a long way to go
Let ‘er go boy, go-go

Carl Perkins is een pionier van de rock en was een begenadigd songwriter. Trouw aan zijn eigen stijl. De nagedachtenis van the King of Rockabilly is nooit vergeten, maar Elvis Presley of Johnny Cash werden nog mythischer. Two for a showThree to make ready, Four for the go!  

Foto 1: The Perkins Brothers Band: (vanaf links) Clayton Perkins, Carl Perkins, W.S. Holland en Jay Perkins

Foto 2: Platenhoes Carl Perkins, Blue Suede Shoes, 1957 voor Sun

Tony Crombie and His Rockets (1957)

Drummer ‘The Baron‘ Tony Crombie (1925-1999) en zijn band treden op in Rock You Sinners (1957) van Denis Kavanagh. Tubby Hayes op sax. ‘In the early days of rock and roll, a disc jockey and his friend, a writer, want to put a rock show on TV‘, da’s het verhaal. DJ Philip Gilbert wordt ster en vervreemdt door zijn ijdelheid en egoïsme van zijn vrienden.

De Britse rock ‘n’ roll timmert vanaf 1953 aan de weg en komt een heel eind. Tony Crombie komt uit de jazz en keert daar na zijn uitstapje naar de rock ‘n’ roll weer naar terug. Zijn vakmanschap werkt overal.


Foto: Anthony John ‘Tony’ Crombie en zijn band die van 1956 tot 1958 bestaat

Levenswandel Dance Hall: 1954

Londen, 1954. Teddy (=Edwardian) Girls worden bewonderd door Teddy Boys. Strak in het pak. Terugblikkend op de jaren 1952-1956 zegt Simon Napier-Bell dat het begrip en de naam rock’n’roll en teenager geleidelijk ontstaan. Halbstarken in Duitsland, Teddy Boys in Engeland of Nozems in Nederland. Tieners zoeken een identiteit. Het ontstaan van jongerencultuur gaat niet gelijk op met de rock’n’roll, maar krijgt er smoel door. Wat toen de ouderen schrik aanjoeg doet nu vertederend aan.

George Zimbel (1929) noemt zichzelf een documentaire fotograaf. Hij zegt dat het de informatie is die de kijker pakt, maar pas de fotograaf bindt het door zijn persoonlijke kijk en technische kennis samen. In 1954 heeft de vetkuif in een New Yorks-Ierse danshal bekijks. Zimbel schept diepte en onderscheid en voegt zijn blik toe aan de vele blikken die alle kanten opschieten. Signalen ventileren boodschappen na sluitingstijd.

Foto 1: Teddy Girls are admired by a group of Teddy Boys at Clapham Common, South London in 1954

Foto 2: George Zimbel, Irish Dancehall, The Bronx 1954 ©George S. Zimbel 1954/2007

Foto 3: Teddy Boys Mecca Dance Hall, Tottenham London 1954

Muddy Waters and his Mojo Working (1960)

Ann Cole (1924-) is haar tijd vooruit. In 1956 neemt ze ‘Got My Mojo Working‘ van Preston Foster op. Muddy Waters (1913-1983) wordt er vanaf 1957 bekend mee. Wegens auteursrechten spreekt in 1973 de rechter uit dat Foster de song schreef. Mojo is een verzamelnaam voor een talisman die aan de bezitter kracht geeft. Zoals een konijnenpoot die geluk zou brengen. Het kan macht geven of kwaad afweren.

Muddy neemt in een set op het Newport Jazzfestival At Newport 1960 op. Met Otis Spann (p, vcl), Pat Hare (g), James Cotton (harmonica), Andrew Stevens (b) en Francis Clay (dr). De Blues komt live naar de stad.

Got my mojo working, but it just won’t work on you
Got my mojo working, but it just won’t work on you
I wanna love you so bad till I don’t know what to do

I’m going down to Louisiana to get me a mojo hand
I’m going down to Louisiana to get me a mojo hand
I’m gonna have all you women right here at my command

Got my mojo working, but it just won’t work on you
Got my mojo working, but it just won’t work on you
I wanna love you so bad till I don’t know what to do

Foto: Albumhoes Muddy Waters At Newport 1960

Basant Bahar en SJ (1956)

In de klassieke Hindi-film Basant Bahar (1956) van Raja Nawathe bewegen acteurs als Bharat Bhushan en Nimmi op het doek, maar zijn de echte sterren de playback-zangers die niet in beeld komen. In Main Piya Teri Lata Mangeshkar en in Nain Mile Chain Kahan Lata en Manna Dey. En Mohammed Rafi. De muziek is van Shankar Jaikishan (SJ), ofwel het duo Shankarsingh Raghuwanshi en Jaikishan Dayabhai Pankal.

Een beschrijving ziet in Main Piya Teri het handschrift van SJ: ‘with the sublime long flute piece .. the violins pick up the final notes from the flute to announce the entry of the dancing heroine .. Lata comes in with Main Piya Teri .. a soft almost tender and yet earnest note .. And as she ‘states’ Main Piya Teri’ the dholak surges all over with the theka ‘Dhik dhatik ta Dhadhi’ and the flute wafts in .. clearly in a mood to serenade!

Luister op de Concertzender naar de soundtrack.

Foto: Nimmi en Bharat Bhushan in Basant Bahar (1956)

The Man in the Gray Flannel Suit (1956)

Een boekverfilming door Nunnally Johnson van de roman van Sloan Wilson. Gregory Peck is Tom Rath, The Man in the Gray Flannel Suit. Vergeleken bij vrouwen hebben mannen het makkelijk: een grijs pak als basis. Daarbij een wit overhemd, zwarte schoenen en een gedekte das.

Hoofdrolspeler Jon Hamm is in Mad Men de verpersoonlijking van de man in het grijze pak. Dat gaat zover dat-ie zijn persoon verbergt achter een valse identiteit. Is dat het lot van mannen in grijze pakken?

Ooit was Gary Grant het ultieme grijze pak. Ook hij worstelt in North by Northwest met zijn identiteit. Hij wordt voor een ander gehouden en door de VS achtervolgd. En nu? Door de bankencrisis is het grijze pak in een ultieme identiteitscrisis beland. Makkelijk is een valkuil, dames.

Foto 1: Van links naar rechts, Henry Daniell, Gregory Peck en Arthur O’Connell in The Man in the Gray Flannel Suit

Foto 2: Jon Hamm als Don Draper in Mad Men

Foto 3: Cary Grant in de lift van het VN-gebouw in North by Northwest van Alfred Hitchcock (1959) 

Arriva Sophia Loren

Filmsterren zijn hun eigen merk. Sophia Loren poseert op de kap van haar Mercedes sportwagen. Zo hoort dat. Voor het begin van de Rally del Cinema in 1956. Die loopt van Rome naar San Remo. Ontstaan in 1953 en een initatief van Ezio Radaelli. Ze is gekoppeld aan Alberto Sordi. Geen echte rally maar een manier om de sterren onder het volk te brengen. Dat lukt explosief, want ze dringen op en slaan haar ruit kapot.

In 1955 wint Sophia en ondanks de angstige momenten opnieuw in 1956. Samen met Sordi. Of wint iedereen in de Rally van de Sterren?

Foto 1: Sophia Loren poseert voor aanvang van de Rally del Cinema, 1956

Foto 2: Sophia Loren door fans in het nauw gebracht tijdens de Rally del Cinema, 9 april 1956

Foto 3: Sophia Loren in Rome voor het begin van de Rally del Cinema, 1956

Just what is it that makes today’s homes so different, so appealing?

Waar Engels overgaat in een spraakgebrek bewijst de commentator in een filmpje uit 1955 over warenhuis Harrods. Met als gids Elizabeth Allan die geen tegenspraak duldt en de nieuwerwetse Tetley-theezakjes.

Just what is it that makes today’s homes so different, so appealing? is een collage met beelden uit hoofdzakelijk Amerikaanse tijdschriften. Bronnen zijn Hollywoodfilms, reclame, verpakkingen, popmuziek en strips. Pop-Art begint in 1956. De pas overleden Engelsman Richard Hamilton was de ‘uitvinder’ ervan. Maar de zoon van medekunstenaar John McHale betwist dat.  En die tegenclaim betwistte Hamilton weer.

Kortom, kunst gaat ergens over. Binnen de Pop-Art bestaat een nuanceverschil tussen Amerikaanse en Britse kunstenaars omdat de eersten de welvaart eerder verheerlijkten en de laatsten bekritiseerden. Elizabeth Allan biedt Hamilton in 1956 de kans zich te onderscheiden.

Foto: Richard Hamilton, collage Just what is it that makes today’s homes so different, so appealing?, 1956

Hirohito en Suzie bumpen in 1956

De Japanse keizer Shōwa, ofwel Hirohito kon het beter met dieren dan met mensen vinden. Dat gedrag tonen grote geesten vaker. Zoals met chimpansee Susie die tijdens haar fietstochtje even de tijd neemt en afstapt om de keizer te bumpen. Een met ons bommen verwant woord.

Andrei Sokoerov verbeeldde de wereldvreemdheid van Hirohito in The Sun. Rampen die over Japan komen maken het lastig voor een keizer. Geruststelling is dat Japanners kalm blijven. Je weet maar nooit.

Foto: Susie de Chimp en keizer Hirohito doen The Bump in Japan, 1956