Cy Coleman at a cocktail party (1959)

Eigenaar van Playboy Hugh Hefner maakte in 1959 als bijproduct van z’n tijdschrift Playboy’s Penthouse. Op de party die echt aanvoelt gaat het relaxed toe. Echte drank wordt geschonken en geserveerd door bunny’s  in het eerste nationale programma op de Amerikaanse televisie waar zwart en wit bij elkaar zitten en als gelijken feesten.

51z-4GyhBfL._SX425_

Pianist en songwriter Cy Coleman (1929- 2004) treedt op in de allereerste aflevering van 24 oktober 1959. Charlie Shavers voegt zich bij Cy en z’n trio in ‘The Best Is Yet to Come’. Een eigen compositie van tekst voorzien door Carolyn Leigh. Muziek verdwijnt achter sophistication. Iedereen heeft overduidelijk een goede tijd in de geïmproviseerde party.

Wait till you’re locked in my embrace
Wait till I draw you near
Wait till you see that sunshine place
Ain’t nothin’ like it here
The best is yet to come and babe, won’t it be fine?
The best is yet to come, come the day you’re mine
Come the day you’re mine
And you’re gonna be mine

Foto: Platenhoes van ‘Playboy’s Penthouse‘ van Cy Coleman and his orchestra. Coleman schreef de titelmuziek voor het programma. 

Sweet Smell of Success: 1957

Sweet Smell of Success is een meesterwerk van Alexander Meckendrick uit 1957. Journalist J.J. Hunsecker is Burt Lancaster. Martin Milner speelt Steve Dallas, een gitarist in een jazzkwintet die iets krijgt met Hunseckers zus. Deze verhindert dat en neemt daartoe Sidney Falco in de arm. Gespeeld door Tony Curtis. Hunsecker is meedogenloos.

Chico-Hamilton-Quintet1-1

Een onderschrift bij een foto omschrijft het perfect: ‘The Chico Hamilton Quintet appeared in several scenes and helped shape the film’s hip, modernistic late-1950s atmosphere‘. De sfeer van Johnny Staccato of The Connection. Trouwens meer clichésituatie, dan echte vrijheid die het suggereert. Pas rond 1959 bevrijdt de jazz zich naar vrijere vormen. De muziek liep zo enkele jaren vooruit op wat in de jaren ’60 zou komen.

The Chico Hamilton Quintet-2

Foto 1: Success: ‘The Chico Hamilton Quintet appeared in several scenes and helped shape the film’s hip, modernistic late-1950s atmosphere’

Foto 2: Hoes van het album uit 1957 met muziek van ‘Sweet Smell of Success‘ door het Chico Hamilton Quintet.

Johnny Staccato: 1959-1960

Johnny Staccato is John Cassavetes. Maar Johnny Staccato is ook een detective serie van NBC die in het seizoen 1959-1960 uitgezonden werd. Met succes. Johnny Staccato is een jazz-pianist in New York die bijklust als detective. John Cassavetes is de ultieme tough guy die zich kracht aanmeet en finesse suggereert. Het thema is van Elmer Bernstein.

Johnny Staccato is Film Noir. Vleugje avant-garde en beatnik met taaie straatwijsheid aangelengd. In het jaar van Michelangelo Antonioni’s L’Avventura die onder scherpe schaduwen de eenzaamheid verbeeldt. Waar mensen verdwijnen alsof het niks is. Zoals Johnny Staccato blijvend in de nacht van 1960 verdwijnt en blue notes hem begeleiden.

Staccato swingt dankzij het hollen en stilstaan van componist Elmer Bernstein. Onheilspellend toont het mysterie. Niet mis te verstaan ontrolt zich de soundtrack. Dubbelop. Vet en cool van romantiek. Zo stemmig.

beatniks

Foto: Still uit Johnny Staccato met John Cassavetes als pianist.

Carl Perkins in 1959: Blue Suede Shoes

Rockabilly ster Carl Perkins (1932-1998) treedt op 6 juni 1959 op in Town Hall Party van Tex Ritter. Met zijn zelfgeschreven standard Blue Suede Shoes, dat-ie eind 1955 opnam. De eerste million-seller in country, rhythm & blues en pop. Voordat Elvis er in 1956 mee scoort. Perkins speelt sneller dan voorheen door het up-tempo dat Elvis eraan meegaf.

Well, it’s one for the money,
Two for the show,
Three to get ready,
Now go, cat, go.

But don’t you step on my blue suede shoes.
You can do anything but lay off of my Blue suede shoes.

Well, you can knock me down,
Step in my face,
Slander my name
All over the place.

In Town Hall Party speelt Perkins ook zijn eigen Matchbox. Samen met his boys’ van de Perkins Brothers Band met zijn broers Clayton (bas) en Jay (slaggitaar). De eind 1956 opgenomen blues wordt opnieuw een rock klassieker. In 1964 coveren The Beatles het met succes.

Yeah I’m sitting here wondering, will a matchbox hold my clothes
Yeah I’m sitting here wondering, will a matchbox hold my clothes
I got no matches, got a long way to go
Let ‘er go boy, go-go

Carl Perkins is een pionier van de rock en was een begenadigd songwriter. Trouw aan zijn eigen stijl. De nagedachtenis van the King of Rockabilly is nooit vergeten, maar Elvis Presley of Johnny Cash werden nog mythischer. Two for a showThree to make ready, Four for the go!  

Foto 1: The Perkins Brothers Band: (vanaf links) Clayton Perkins, Carl Perkins, W.S. Holland en Jay Perkins

Foto 2: Platenhoes Carl Perkins, Blue Suede Shoes, 1957 voor Sun

Anatomy of a Murder & Duke Ellington: 1959

Vormgever Saul Bass maakt de titelsequentie van Anatomy of a Murder. Met lichaamsdelen als puzzelstukken. Als het knippen en scheuren van Henri Matisse of Willem Sandberg. Orkestleider Duke Ellington schrijft de soundtrack met zijn arrangeur Billy Strayhorn. In 1959 functioneert Hollywoods studiosysteem nog. Het wordt een meesterwerk.

Met Duits accent presenteert Otto Preminger (1905-1986) de spelers. Anatomy of a Murder van rechter, visser en auteur John D. Voelker is gebaseerd op een waar verhaal. UCLA-professor Michael Asimov noemt het rechtbankdrama ‘probably the finest pure trial movie ever made‘. Als Pie-Eye speelt Duke Ellington piano met James Stewart.

Foto: Otto Preminger, Billy Strayhorn en Duke Ellington (vlnr) aan de piano in Anatomy of a Murder (1959) van regisseur/producent Otto Preminger

Johnny Cash and the Tennessee Two on THP: 1958-1959

In 1960 ontstaat de Tennessee Three. Voor die tijd vormen Marshall Grant en Luther Perkins de Tennessee Two. Een kwestie van optellen. De karakteristieke boom-chicka-boom van Luthers elektrische gitaar legt een bodem onder de muziek van Johnny Cash. Optreden maakt deel uit van de Town Hall Party show op 15 november 1958 in Los Angeles:

I keep a close watch on this heart of mine.
I keep my eyes wide open all the time.
I keep the ends out for the tie that binds.
Because you’re mine, I walk the line.

I find it very, very easy to be true.
I find myself alone when each day is through.
Yes, I’ll admit that I’m a fool for you.
Because you’re mine, I walk the line.

Town Hall Party was een radio en television show met country music die van 1951 tot 1961 werd uitgezonden. Door het tijdsverschil tussen de Oost- en de Westkust werd het programma opgenomen en is veel beeldmateriaal bewaard gebleven. Evenals I Walk The Line is Folsom Prison Blues een eigen nummer van Cash. Het combineert de genres van de train song en de prison song. In eenvoud dendert het door.

Foto: Luther Perkins, Johnny Cash en Marshall Grant (v.l.n.r.), 1955

Mina als Queen of Screamers (1959)

Mina Mazzini (1940- ) zingt in de quizshow Il Musichiere van de RAI op 4 april 1959. De Muzikanten wordt geregisseerd door Antonello Falqui en gepresenteerd door Mario Riva. Uitgezonden van 7 december 1957 tot 7 mei 1960. Mina zingt Nessuno. Niemand, zelfs het lot zal de eeuwige liefde verbreken. Wie weet. Tot 1961 schreeuwt de Tigre di Cremona met krachtige stem in rock-‘n-roll-stijl. Daarna past ze zich aan.

Mina’s eerste hit is Tintarella di Luna uit 1960.s Nachts ‘manen’ op het dak om een wit kleurtje te krijgen is anders dan zonnen op het strand.

Tintarella di luna,
tintarella color latte
tutta notte sopra il tetto
sopra al tetto come i gatti
e se c’e’ la luna piena
tu diventi candida.
E se c’e’ la luna piena
tu diventi candida.
E se c’e’ la luna piena
tu diventi candida, candida, candida!

Foto 1: Mina en oprichter van de Happy Boys Nino Donzelli (1958)

Foto 2: Mina, hoes van Tintarella Di Luna (1959-1960)

Tragische held: Buddy Holly

Rock and roll pionier en vernieuwer Buddy Holly (1936-1959) krijgt een einde dat de tragische held past: het verkeersongeluk. Een vliegtuigje op weg van een schnabbel van Iowa naar Minnesota stort neer. Met een klap legendarisch. The Day the Music Died. Aan boord zijn ook de rockers Ritchie Valens en J. P. ‘The Big Bopper‘ Richardson.

Kathryn Murray introduceert eind 1957 Buddy Holly en The Crickets in The Arthur Murray Party. Ze vraagt begrip voor haar keuze. Dansleraar Murray laat Amerika dansen. ‘Arthur Murray Taught Me Dancing in a Hurry’, zoals Betty Hutton in de 1941-song zingt. Maar Holly, Jerry Allison (dr), Joe B. Mauldin (b) en Niki Sullivan (g) spelen Peggy Sue.

If you knew, Peggy Sue
Then you’d know why I feel blue
About Peggy, my Peggy Sue
Oh well, I love you, gal
and I love you Peggy Sue

Peggy Sue, Peggy Sue
Oh how my heart yearns for you.
Oh P-e-ggy.. P-e-ggy Sue
Oh, well, I love you gal
Yes I love you Peggy Sue

Peggy Sue Peggy Sue 
Pretty pretty pretty pretty Peggy Sue 
Peggy oh Peggy Sue
Oh well I love you gal and I need you Peggy Sue De 

Holly, Allison en Mauldin spelen ‘Oh, Boy!‘ in de Ed Sullivan Show van 26 januari 1958. De roem van Buddy Holly stijgt in 1957 en 1958 en eindigt op 3 februari 1959 met een klap. Zijn nagedachtenis moet het voortaan doen. Vernieuwers blijven niet jong. Maar 22 jaar is niet oud.

Foto 1: Alternatieve platenhoes uit 1962 (Coral) van The Chirping Crickets uit 1957

Foto 2: Groep mensen onderzoekt het vliegtuigwrak in een veld buiten Clear Lake, Iowa. Het vliegtuig stortte neer in de vroege ochtend van 3 februari 1959, en kostte de ‘Fifties rockers’ Buddy Holly, Ritchie Valens en ‘The Big Bopper’ het leven.

No Problem (1959)

In de trailer van Les liaisons dangereuses (1959) van Roger Vadim klonken Thelonious Monk’ hoekige piano en No Problem van Art Blakey. De soundtrack past bij Ascenseur pour l’échafaud (1958) van Louis Malle met Miles Davis en Des femmes disparaissent (1959) van Edouard Molinaro ook met Blakey. Jazz verbeeldde de opstand tegen de orde.

In club Saint-Germain spelen op 11 juli 1959 Bud Powell (p), Clark Terry (fl), Pierre Michelot (b), Barney Wilen (ts) en Kenny Clarke (d) No Problem. Sim Copans leidt in. Het trio van Powell wordt met Wilen en Terry tijdelijk uitgebreid om een brede Jazz Messengers sound te krijgen.

Foto: Bud Powell

Tragische held: Sam Cooke

Sam Cooke (1931-1964) wordt geboren als Sam Cook. Zijn einde is tragisch. Doodgeschoten door Bertha Franklin, de manager van het Hacienda Motel. Details roepen nog steeds vragen op. Het eigen nummer ‘You Send Me‘ piekt in 1957. Het optreden twee jaar later in The Dick Clark Show is stijve playback met een mix van R&B, gospel en pop.

Darling you send me
I know you send me
Darling you send me
Honest you do, honest you do
Honest you do, whoa-oh-oh-oh-oh-oh

You thrill me
I know you, you, you thrill me
Darling you, you, you, you thrill me
Honest you do

Cookes belang voor de Soul kan niet overschat worden. Hij vindt het uit. De titel King of Soul past hem. Zwart en wit, oud en jong sprak-ie aan. Zijn dood markeert de opkomst van The Beatles. In 1963 klinkt het eigen nummer ‘Twisting the Night Away‘ in The Jerry Lewis Show. Met een swingend orkest krijgt Cooke de zaal plat. Nog een jaar te gaan.

Let me tell you ‘bout a place somewhere up a New York way
Where the people are so gay
Twisting the night away

Here they have a lot of fun putting trouble on the run
Man
You find the old and young twisting the night away

They’re twisting
Twisting
Everybody’s feeling great
They’re twisting
Twisting
They’re twisting the night away

Foto: Sam Cooke in The Ed Sullivan Show, waarschijnlijk 1 december 1957.