Modelle in Blu: Yves Klein in Mondo Cane (1962)

Yves Klein (1928-1962) is geen Tsjechische kunstenaar. Hij was Frans en had een Nederlandse vader Frits Klein die in Bandung werd geboren. Yves’ handelsmerk was zijn ultramarijnpigment Klein Blue. Net als Orson Welles 12 jaar later in F for Fake bezweert Klein de wereld.

Muziek verraadt de herkomst. De ‘shockumentary’ Mondo Cane (1962) van Paolo Cavara, Franco Prosperi en Gualtiero Jacopetti mixt in de toverkijker documentaire en drama, goede en slechte smaak. Nino Oliviero en Riz Ortolani schreven het thema ‘Ti guarderò nel cuore‘ dat met Engelse tekst van Norman NewellMore‘ wordt. Ultieme muzak voor winkelcentra en liften. Klein krijgt een hartaanval tijdens de screening op het Cannes Filmfestival 1962 en overlijdt nog geen maand later op 6 juni.

More than the greatest love the world has known,
This is the love I give to you alone,
More than the simple words I try to say,
I only live to love you more each day.
More than you’ll ever know, my arms long to hold you so,
My life will be in your keeping, waking, sleeping, laughing, weeping,
Longer than always is a long long time, but far beyond forever you’re gonna be mine.
I know I’ve never lived before and my heart is very sure,
No one else could love you more.

Foto: Hoes van het album Mondo Cane (OST). In 1963 wordt ‘More’ genomineerd voor the Academy Award for Best Song.

Echo uit de verte: Joao Gilberto

In Brazilië ontstaat in 1958 uit de samba de Bossa Nova. Gitarist João Gilberto komt met iets nieuws en componist Tom Jobim maakt er in 1963 met The Girl from Ipanema een wereldsucces van. Bossa betekent gezwel en kan opgevat worden als kronkel, bijzonder talent voor iets. De nieuwe flair breekt uit de zwaarte. Het culturele Braziliaanse zelfbewustzijn piekt in 1959 met Palmwinnaar Orfeu Negro.

In de Frans/Italiaans/Braziliaanse co-produktie Copacabana Palace uit 1962 zitten Gilberto en Jobim op het strand van Rio. Tussen Sylva Koscina en Mylène Demongeot. Een terloops document met Luiz Bonfá over de nieuwe stijl dat pas in 1967 in de VS wordt uitgebracht.

Chega de Saudade van tekstdichter Vinicius de Moraes uit 1958 in de uitvoering van João Gilberto is de eerste Bossa Nova song. Elsbeth Cardoso zingt het nog in oude stijl, maar pas daarna wordt alles anders.

Vai minha tristeza
E diz a ela
Que sem ela não pode ser
(Go, my sadness, go
And tell her that
It’s impossible without her.)

Foto: Sylva Koscina, João Gilberto, Tom Jobim en Mylène Demongeot (vlnr) in Copacabana Palace

Journey into Fame: Orson Welles in Holland

We zien een beroemdheid met een schare fans. Welgeteld twee mannen en dertien vrouwen. De handtekeningenjagers houden zich in, maar lijken het uit te schreeuwen van genot. Tuk op het buitenkansje in de nabijheid van de roem. Enkelen zijn gevangen in pure extase. Ze geloven niet wat er gebeurt en spelen de perfecte rol van bewonderaar. De vleugel benadrukt karakter en locatie van de samenzwering.

Op zaterdag 8 maart 1952 geeft Orson Welles in het Concertgebouw een voordracht. Het Utrechts Nieuwsblad van 10 maart wijdt er een stuk aan: Orson Welles zoekt een Salome. De toneelspeler, regisseur, filmacteur, goochelaar, avonturier en charmeur kwam met het vliegtuig uit Parijs zonder eigen koffer. Zonder schoon hemd. Hij betovert zijn publiek.

Welles is in 1952 bekend als Harry Lime uit The Third Man die op 20 januari 1950 zijn Nederlandse première beleeft. De kaskraker wordt hem toegerekend. Terwijl-ie een kleine rol speelt. Hetzelfde gebeurt met het script van Citizen Kane door Herman Mankiewicz dat Welles naar zich toetrekt. Welles koppelt roem aan eigendunk. Twee maanden later wint-ie in Cannes de Gouden Palm voor Othello. Dat flikt-ie nou weer wel. Echt.

Foto 1: Orson Welles temidden van bewonderaars in het Concertgebouw, Amsterdam, 8 maart 1952

Foto 2: Orson Welles in Othello, 1952

Jazz en Film: The Connection

De liner notes van Ira Gitler bij het Blue Note album the music from The Connection vertellen een gelaagd verhaal. Junkies wachten in een New York appartement op de connection met drugs. Musici zijn acteurs in een toneelstuk uit 1959 van Jack Gelber in The Living Theatre. Pianist Freddie Redd componeert de muziek en wordt de Kurt Weill voor Gelber.

Altsaxofonist Jackie McLean doet ook mee . Zijn rol wordt groter omdat-ie goed acteert. Net als Dexter Gordon die de rol in Los Angeles speelt en in 1986 excelleert in ‘Round MidnightTheme for Sister Salvation laat niet los. Een mars met een droeve ballad als middenstuk.

In 1961 verfilmt Shirley Clark The Connection en geeft het stuk een nieuwe laag: iedereen is zijn eigen connection. Censuur vertraagt de distributie met anderhalf jaar. Ze filmt in 1985 Ornette Coleman – Made in America. Het stuk van Jack Gelber wordt in 2008 na 50 jaar opnieuw gespeeld. Met Jackie McLean’s zoon René in de rol van zijn vader.

Foto: Shirley Clark op de set van The Connection in 1961.