Buffalo Bill in New York (1902)

Buffalo Bill, een legendarische naam uit spannende boeken. William Frederick Cody (1946-1917) begon als soldaat en bizonjager en eindigde glorieus als showman. Vanaf 1883 met Buffalo Bill’s Wild West die de West tot in Europa bracht. Het circus paradeert in 1902 door New York. Cody te paard licht zijn hoed naar het publiek. De stad lijkt uitgelopen.

Overzichten benadrukken dat Buffalo Bill het voor de Indianen opnam. Strijd ontstond alleen als de Amerikanen hun woord braken, zo erkende hij. Zijn verdienste is dat-ie verzoening met oude vijanden, eigen roem en showbizz feilloos combineerde tot een spectaculair circus.

Foto 1: Sitting Bull en Buffalo Bill, 1885. Credits: William Notman studios, Montreal, Canada

Foto 2: Buffalo’s Bill’s Wild West op Europese tournee in Italië, 1890

Zes arrangeurs op zoek naar een fotograaf (1947)

Het is 1947. Wat zien we hier? Waarom kijken op de tweede foto de mannen zo ernstig? De plek is het Museum of Modern Art, New York. Op de achtergrond Guernica van Pablo Picasso. Tot 1981 bleef het hier.

We zien zes arrangeurs van moderne jazzmuziek die fotograaf Bill Gottlieb in de omgeving van moderne kunst vastlegt. Ze onderzoeken. Een cool idee voor publicatie in magazine Downbeat. Toevallig zijn ze tegelijk in New York. Ralph Burns, Eddie Finckel, George Handy, Neal Hefti, Johnny Richards en Eddie Sauter. Arrangeurs Bob Graettinger, Billy Strayhorn en Pete Rugolo ontbreken. Ach, het concept is niet perfect.

In de toelichting zegt Gottlieb dat het MoMA niet flexibel was. De bovenste foto werd te komisch gevonden. En de onderste? Oordeel zelf.

Foto 1: William Gottlieb, ‘Portrait of Ralph Burns, Edwin A. Finckel, George Handy, Neal Hefti, Johnny Richards, and Eddie Sauter’, Museum of Modern Art, New York, omstreeks maart 1947

Foto 2: William Gottlieb, ‘Portrait of Edwin A. Finckel, Ralph Burns, Eddie Sauter, Johnny Richards, Neal Hefti, and George Handy’, Museum of Modern Art, New York, omstreeks maart 1947

Charlie Barnet: Skyliner (1944)

Bandleider Charlie Barnet (1913-1991) was de Rockefeller van de swing. In 1949 ontbond-ie zijn band. Vanwege zijn geld kon-ie het zich veroorloven geen concessies te doen. Zijn orkest heette ‘The Blackest White Band‘. Vanwege de sound. Maar ook had-ie net als Benny Goodman al vroeg een geïntegreerde band. Zijn basis was New York.

Billy May arrangeerde het door Barnet geschreven Skyliner. De herkenningsmelodie van de American Forces Network in München. De song was baken en beeld van de Amerikaanse piloten. Aan de horizon.

Foto: Charlie Barnet en zijn orkest

Come Fly With Me met Frank Sinatra (1958)

Come Fly With Me wordt in 1957 voor Frank Sinatra gecomponeerd door Jimmy Van Heusen met tekst van Sammy Cahn. Van Heusen redt The Voice in 1951 na een zelfmoordpoging. Eind jaren ’50 is zo te horen het exotisch avontuur gelokaliseerd in Bombay, Peru en Acapulco Bay.

Come fly with me, let’s fly, let’s fly away
If you can use some exotic booze
There’s a bar in far Bombay
Come fly with me, let’s fly, let’s fly away

Come fly with me, let’s float down to Peru
In llama land there’s a one-man band
And he’ll toot his flute for you
Come fly with me, let’s take off in the blue

Het verhaal gaat dat Sinatra de hoes als advertentie voor TWA zag. In een album dat opgezet was als muzikale trip om de wereld. Hij had gelijk. Globalisme anno 1957 overheerst. Met Capri, Vermont, New York, Mandalay, Parijs, Londen, Brazilië, Hawaii, Chicago en Mexico. Nice trip!

Foto: Hoes Come Fly with Me (1958) met Frank Sinatra en orkest van Billy May

Tussendek van Alfred Stieglitz (1907)

Wat valt hier te zien? Zeker immigranten die naar de VS reizen? Zoals in The Immigrant (1917) van Charlie Chaplin. Arme sloebers uit Rusland of Polen die de Atlantische Oceaan oversteken. In de Derde Klasse omdat er geen Vierde Klasse is. Het lijken wel twee foto’s in een.

Welnee. De Kaiser Wilhelm II vaart van New York naar Le Havre. Seizoenswerkers gaan terug naar Europa. Alfred Stieglitz verveelt zich in de Eerste Klasse en ziet van bovenaf de loopplank naar rechts lopen. Naar een ruimte boven de boeg. En de trechter die naar links loopt. En de man met een witte strooien hoed. En de moeder met kind. Kortom, compositie. Hij haalt snel een toestel en maakt zijn beroemdste foto.

Foto 1: The Steerage van Alfred Stieglitz, 1907

Foto 2: Still uit The Immigrant (1917) van Charlie Chaplin.

Sinatra, Stardust en de Bobby Soxers

Frank Sinatra is het eerste tiener-idool dat massa’s in beweging zet. Tussen 1940 en begin 1943 scoort-ie meer dan 20 nummer-1 hits. De Bobby Soxers met hun tot op de enkel teruggerolde witte sokken en poodle rokken jagen hem met tienduizenden op. Totdat ze uitgejaagd zijn.

September 1942 stapt Sinatra uit de Tommy Dorsey band. In december 1942 begint Sinatra zijn engagement in het New Yorkse Paramount Theater. Fans schoppen relletjes. Tony Bennett weet het nog.

Op 7 juni 1943 debutteert de schriele 27-jarige Sinatra in het zaterdagavond radio-programma Your Hit Parade van Lucky Strike met het orkest van Mark Warnow. Met Stardust van Hoagy Carmichael:

Sometimes I wonder why I spend
The lonely nights dreaming of a song
The melody haunts my reverie
And I am once again with you
When our love was new
And each kiss an inspiration
Ah but that was long ago
Now my consolation is in the stardust of a song
Beside the garden wall when stars are bright
You are in my arms
The nightingale tells his fairy tale
Of paradise where roses grew

Foto 1: Paramount Theater met Frank Sinatra, 1942-1943

Foto 2: Ongeduldige fans wachten buiten het theater in Pittsburgh op Jan Savitt en Frank Sinatra. 11 December 1943

The Song is Bird

Zoals Marc Myers opmerkt ontleen ook ik mijn kennis over Charlie Parker aan Phil Schaap. Het dagelijkse programma Bird Flight, ‘a radio show on WKCR’. Vergelijkbaar met de Concertzender dat vanwege omroepbelangen om zeep werd gebracht. Subsidies richten dan kwaad aan. Het New Yorkse WKCR bedelt soms om geld om in leven te blijven.

Bird dus. Bijnaam van altsaxofonist Charlie Parker (1920-1955). Met Louis Armstrong beschouwd als de grootste jazzmusicus ever. Van Bird bestaan slechts twee clips. Cameravoering van Hot House verduidelijkt dat Dizzy Gillespie bekender is. Die andere frontman van de bebop.

Charlie Parker was verslaafd en brandde aan twee kanten op. Hij leefde te kort en stierf bij een barones voor de televisie met The Dorsey Brothers’ Stage Show op. Opnamen met Strings zijn geweldig en het klassieke kwintet met Miles Davis (tp), Duke Jordan (p), Tommy Potter (b) en Max Roach (dr) uit 1948 is de top. Vastgelegd door Dean Benedetti.

Kunnen we de nagedachtenis aan Bird achterhalen? Zijn legacy. Was-ie muzikaal genie, genereus persoon, overlever die niet overleefde of iemand die zichzelf in de weg zat? Nee, hij past voor geen meter. We kunnen alleen luisteren. Zijn muziek moet het doen en vertelt het verhaal.

YouTube 1: Coleman Hawkins (ts) met Bird, Hank Jones (p), Ray Brown (b) en Buddy Rich (d) in Ballad en Celebrity (zonder Hawkins), 1950

YouTube 2: Dizzy Gillespie (tp), Bird, Dick Hyman (p), Sandy Block (b), Charlie Smith (d) in Hot House, 1952

Foto 1: Portret van Charlie Parker, Red Rodney, Dizzy Gillespie, Margie Hyams and Chuck Wayne, Downbeat, New York, ca. 1947; Foto: William Gottlieb

Foto 2: Portret van Charlie Parker, Three Deuces, New York, vermoedelijk maart 1948; Foto: William Gottlieb

Jazz en Film: The Connection

De liner notes van Ira Gitler bij het Blue Note album the music from The Connection vertellen een gelaagd verhaal. Junkies wachten in een New York appartement op de connection met drugs. Musici zijn acteurs in een toneelstuk uit 1959 van Jack Gelber in The Living Theatre. Pianist Freddie Redd componeert de muziek en wordt de Kurt Weill voor Gelber.

Altsaxofonist Jackie McLean doet ook mee . Zijn rol wordt groter omdat-ie goed acteert. Net als Dexter Gordon die de rol in Los Angeles speelt en in 1986 excelleert in ‘Round MidnightTheme for Sister Salvation laat niet los. Een mars met een droeve ballad als middenstuk.

In 1961 verfilmt Shirley Clark The Connection en geeft het stuk een nieuwe laag: iedereen is zijn eigen connection. Censuur vertraagt de distributie met anderhalf jaar. Ze filmt in 1985 Ornette Coleman – Made in America. Het stuk van Jack Gelber wordt in 2008 na 50 jaar opnieuw gespeeld. Met Jackie McLean’s zoon René in de rol van zijn vader.

Foto: Shirley Clark op de set van The Connection in 1961.

James Abresch fotografeert glamour

Op vlooienmarkten vinden mensen dozen of albums met foto’s. Ze zoeken er zelfs naar. Een selectie ervan zetten ze als trofee op internet. Soms met de vraag erbij wat ze zien. Zo vraagt de Amerikaanse Mazouko wie de vrouw van de foto is. Ze voegt toe dat op achterkant staat Kindly give credit to James Abresch. Op de voorkant zijn signatuur en ‘NY’.

Was Abresch de glamourfotograaf voor wie Mazouka hem houdt? Zijn specialisme was eerder muziek en opera dan film. Waarschijnlijk Joods, hoewel zijn naam ook van Noordduitse of Nederlandse origine kan zijn. Soms duikt-ie op in een veld vol vraagtekens. In de jaren ’40 en ’50 een gerenommeerde theaterfotograaf stierf-ie in 1959 op 60-jarige leeftijd.

Maar wie roept op de foto het ultieme kauwgomplaatjesgevoel op? Door de gelijkenis van ogen en neus is Constance Bennett een goede gok. Na een filmcarrière werkte de New Yorkse vanaf 1940 in het theater. Daar had ze James Abresch tegen het lijf kunnen lopen. Wordt nu een raadsel opgelost of toegevoegd? Is er een verleden voorgoed weggeretoucheerd?

Foto 1: Foto met onbekende vrouw uit album dat Mazouko vond

Foto 2: Constance Bennett