Sarkis ontmoet Saenredam en Futuro in kathedrale loods

In de Onderzeebootloods te Heijplaat presenteert Museum Boijmans in samenwerking met Havenbedrijf Rotterdam ‘Ballads‘ van de Franse Armeens-Turkse kunstenaar Sarkis (1938). Vertegenwoordigd in Nederland door galerie De Zaal. Derde in een reeks na een redelijke start van Atelier van Lieshout en Elmgreen & Dragset die teleurstelden.

Sarkis zet ruimtes naar zijn hand. Met gebruikmaking van oudere werken die hij als nieuw inzet. Als Turk uit de Armeense minderheid grijpt-ie terug op kunstenaars die christelijke symboliek gebruiken. Zoals de cineasten Roberto Rossellini, Sergei Parajanov of Andrei Tarkovski. Sarkis draagt het kruis niet als wapen, maar als menselijke maat van toenadering. Ironie is in zijn werk volstrekt afwezig. Hij vervangt het door poëzie. Zo maakt-ie een loods tot een kathedrale ontmoetingsplek.

Foto 1: Pieter Saenredam, Interieur van de St. Bavo in Haarlem (1648)

Foto 2: Sergei Parajanov, Sayat Nova (1968) met Spartak Bagashvili en Medea Djaparidze. Credits: A. Vladymirov

K van Kruis

De K is de balans van het alfabet, de elfde letter. Het vindt eenheid in botsende lijnen. Het kruis is een levenssymbool waar van alles aan wordt opgehangen: eeuwigheid, creativiteit, vruchtbaarheid, toekomstig leven en kruisiging als straf. De dubbele as is het kruispunt waar eenheid ter discussie staat. Zware kost. Da’s niets voor kleine mensen.

Kunst kan veel met kruisen. Kasemir Malewitsj benadert het meetkundig. Anderen als Sarkis becommentariëren dat weer, zoals de snelheid van verfkleuren in water toont. In zijn koppige stijl kleurt pianist Thelonious Monk de noten bont in zijn album Criss Cross. Van kruis naar kriskras is een kleine stap. Wanorde wordt met een houten hamer in een patroon geslagen. Of juist eruit. Die kwestie is de kern van het leven.

Foto 1: Suprematisch Kruis (1920-21), Kazimir Malevitsj, olie op doek, Stedelijk Museum Amsterdam

Foto 2: Thelonious Monk in Salle Pleyel, Parijs, Frankrijk, 1954

Velum en Oranje: Sarkis

Begin 2007 toonde het Parijse Museé Bourdelle de tentoonstelling Inclinaison (Helling) van de Frans-Armeens-Turkse kunstenaar Sarkis. Een klein museum gewijd aan de 19de eeuwse beeldhouwer Antoine Bourdelle dat buiten de vaste routes ligt. Bourdelle’s atelier is bewaard gebleven.

Sarkis had in de hal een oranje doek gespannen, een velum, dat beelden van Rodin en Bourdelle afdekte, omvatte, afsneed, kleurde en beschermde tegelijk. De beelden van een nieuwe behuizing en maat voorzag. Simpel, respectvol en resoluut.

De Nederlandse Opera speelde vanaf april 2010 Les Troyons van Hector Berlioz. Het toneelbeeld met oranje doek deed terugdenken aan de andere ingreep. Beeldrijm met de weerbarstige kleur oranje van kunstenaars die spelen met traditie.