Mission Impossible (1966-1973)

Mission Impossible werd in de VS van 1966 tot 1973 door CBS uitgezonden. De Argentijnse componist Lalo Schifrin schreef het thema dat z’n handelsmerk werd. Geheime agenten bestrijden het kwaad dat van de ander is. Martin Landau met accenten en vermommingen en Barbara Bain speelden in de eerste drie seizoenen en werden immens populair. Toen in het echt een echtpaar dat in 1968 awards aankondigt.

MI

Zien we in Mission Impossible echo’s van de swinging sixties in Londen, LA Telegraph Avenue of Amsterdam? Welke lijn heeft dat met het volle leven? Want wees nou eerlijk, moeten geheim agenten in een spelletje van jongens onder elkaar de orde herstellen? Kinderachtig, toch? Is dat niet sporen met de geest van 1968 de letterlijke vertaling van Mission Impossible? Afleiding buiten en tegen de eigen tijd. Futiel, maar volop kwaliteit. In een studiosysteem dat nog vakmanschap biedt.

De grijze Peter Graves is de personificatie van de serie. Zelfs 15 jaar later toen Mission Impossible 2 seizoenen lang nieuwe leven in werd geblazen was-ie weer van de partij. Later kroop Tom Cruise in de MI-films in de huid van een geheim agent op een onmogelijke missie. De bestaanszekerheid van Hollywood: herhalen van oude successen.

R-1191050-1204157511

West-Coast cool wordt passend gemaakt voor Hollywood. Met Bud Shank op altsax, en ’n dwingend bongo-ritme dat vuurwerk geeft. Bang. 

Foto 1: Martin Landau en Barbara Bain: Pioneers of Television.  1966-1969.

Foto 2: Hoes Lalo Schifrin ‎– Music From Mission: Impossible, 1967.

Advertenties

The Honeycombs: Have I the Right? (1965)

De Noord-Londense The Honeycombs bestaan van 1963 tot 1967. De honingraten hebben een hit: Have I the Right? Honey Langtree is de vrouwelijke drummer die prikkend drumt. Bijzonder genoeg om te vermelden. Slag-, klap- en stampwerk staat centraal. Denis D’Ell ofwel Denis Dalziel sprint zingend naar het einde van dit snelle nummer.

Have I the right to hold you?
You know I’ve always told you
That we must never ever part.
No no no no no no

Have I the right to kiss you?
You know I’ll always miss you.
I’ve loved you from the very start.

Come right back I just can’t bear it
I’ve got this love and I long to share it
Come right back I’ll show my love is strong.
Oh yeah yeah

Punkband The Dead Kennedys zetten in 1979 Have I the Right? van Ken Howard en Alan Blaikley op het album Live at the The Deaf Club. Hun altijd gejaagde tempo verschilt niet eens zoveel van dat van The Honeycombs. Prettig gestoord als het ware. Muziek die blij bijblijft.

Foto: Platenhoes van ‘Have I The Right ‘ door The Honeycombs, 1964

Dusty Springfield sings Burt Bacharach (1964)

De grootste Britse popzangeres Dusty Springfield (1939-1999) die de Swinging Sixties belichaamt was de Queen of White Soul. Ze bereidde de invasie van de Britse pop in de VS voor, kreeg daar volop erkenning en zette zich in voor zwarte artiesten. In 1964 heeft ze succes met twee nummers van componist Burt Bacharach en tekstdichter Hal David.

Wishin’ and Hopin’ en I Just Don’t Know What To Do With Myself worden hits. Springfield neemt andere Bacharach-David klassiekers op zoals Anyone Who Had a Heart. Dionne Warwick wordt er bekend mee. Drie jaar later scoort Dusty met The Look of Love uit de James Bond parodie Casino Royale. Haar toptijd eindigt. In 1987 kent ze een revival.

Wishin’ and hopin’ and thinkin’ and prayin’
Plannin’ and dreaming each night of his charms
That won’t get you into his arms

So if you’re lookin’ to find love you can share
All you gotta do is
Hold him and kiss him and love him
And show him that you care

Show him that you care just for him
And do the things he likes to do
Wear your hair just for him, ‘cause
You won’t get him
Thinkin’ and a-prayin’
Wishin’ and a-hopin’

I just don’t know what to do with myself
Don’t know just what to do with myself
I’m so used to doing everything with you
Planning everything for two
And now that we’re through

I just don’t know what to do with my time
I’m so lonesome for you, it’s a crime
Going to a movie only makes me sad
Parties make me feel as bad
When I’m not with you, I just don’t know what to do

Foto 1: Dusty Springfield en Burt Bacharach, 1964

Foto 2: Hoes van I Just Don’t Know What To Do With Myself van Dusty Springfield, 1964

Levenswandel Dance Hall: 1954

Londen, 1954. Teddy (=Edwardian) Girls worden bewonderd door Teddy Boys. Strak in het pak. Terugblikkend op de jaren 1952-1956 zegt Simon Napier-Bell dat het begrip en de naam rock’n’roll en teenager geleidelijk ontstaan. Halbstarken in Duitsland, Teddy Boys in Engeland of Nozems in Nederland. Tieners zoeken een identiteit. Het ontstaan van jongerencultuur gaat niet gelijk op met de rock’n’roll, maar krijgt er smoel door. Wat toen de ouderen schrik aanjoeg doet nu vertederend aan.

George Zimbel (1929) noemt zichzelf een documentaire fotograaf. Hij zegt dat het de informatie is die de kijker pakt, maar pas de fotograaf bindt het door zijn persoonlijke kijk en technische kennis samen. In 1954 heeft de vetkuif in een New Yorks-Ierse danshal bekijks. Zimbel schept diepte en onderscheid en voegt zijn blik toe aan de vele blikken die alle kanten opschieten. Signalen ventileren boodschappen na sluitingstijd.

Foto 1: Teddy Girls are admired by a group of Teddy Boys at Clapham Common, South London in 1954

Foto 2: George Zimbel, Irish Dancehall, The Bronx 1954 ©George S. Zimbel 1954/2007

Foto 3: Teddy Boys Mecca Dance Hall, Tottenham London 1954

Johnny Otis: Hand Jive (1958)

Johnny Otis (1921-2012) is niet meer. Ontdekker van Etta James die ook niet meer is. In 1958 schreef-ie zijn bekendste nummer ‘Willie and the Hand Jive‘ en verkocht 1,5 miljoen stuks. De dans ontstond in Londen in de jaren ’50. Bij de opkomst van rock and roll en R&B.

I know a cat named Way Out Willie
He’s got a cool little chick named Rockin’ Nillie
He can walk and stroll and Susie Q
And do that crazy hand jive too

Papa told Willie, you’ll ruin my home
You and that hand jive have got to go
Willie said, Papa, don’t put me down
They’re doin’ the hand jive all over town

Mama, Mama look at Uncle Joe
He’s doin’ that hand jive with sister Flo
Grandma gave baby sister a dime
Said, do that hand jive one more time

Hand Jive is geinspireerd op Bo Diddley. Titel ‘Bo Diddley‘, hij speelde niet het nummer dat was afgesproken. Diens optreden in 1955 in de Ed Sullivan show toont een hakkende slaggitaar die Otis later toepast.

Foto: Johnny Otis als bandleider in de jaren ’50 met zijn orkest

Come Fly With Me met Frank Sinatra (1958)

Come Fly With Me wordt in 1957 voor Frank Sinatra gecomponeerd door Jimmy Van Heusen met tekst van Sammy Cahn. Van Heusen redt The Voice in 1951 na een zelfmoordpoging. Eind jaren ’50 is zo te horen het exotisch avontuur gelokaliseerd in Bombay, Peru en Acapulco Bay.

Come fly with me, let’s fly, let’s fly away
If you can use some exotic booze
There’s a bar in far Bombay
Come fly with me, let’s fly, let’s fly away

Come fly with me, let’s float down to Peru
In llama land there’s a one-man band
And he’ll toot his flute for you
Come fly with me, let’s take off in the blue

Het verhaal gaat dat Sinatra de hoes als advertentie voor TWA zag. In een album dat opgezet was als muzikale trip om de wereld. Hij had gelijk. Globalisme anno 1957 overheerst. Met Capri, Vermont, New York, Mandalay, Parijs, Londen, Brazilië, Hawaii, Chicago en Mexico. Nice trip!

Foto: Hoes Come Fly with Me (1958) met Frank Sinatra en orkest van Billy May

Beryl Davis: Undecided (1939)

Beryl Davis (1924-2011) is vandaag gestorven. Ze was in Engeland bekend als zangeres bij de band van Oscar Rabin en haar vader Harry Davis. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd ze populair door haar optredens voor militairen. Ella Fitzgerald was een voorbeeld. Het verhaal gaat dat Glenn Miller haar ‘ontdekte’ en zij naar de VS ging. Zo zong ze met Frank Sinatra in 1947 in Your Hit Parade. Toen nog op radio.

Undecided van Sid Robins en Charlie Shavers werd op 25 augustus 1939 opgenomen in Londen. Met Django Reinhardt en zijn Quintette du Hot Club de France. Een minimale sophisticated Cole Porter-song:

First you say you do
And then you don’t
And then you say you will
And then you won’t
You’re undecided now
So what are you gonna do?
Now you want to play
And then it’s no
And when you say you’ll stay
That’s when you go
You’re undecided now
So what are you gonna do?

Foto: Tommy Dorsey (links) interviewt Beryl Davis, 8 oktober 1947. Credits: William P. Gottlieb

Close Your Eyes

Britse dance bands uit de dertiger jaren zijn er voor de liefhebber. Ray Noble bezoekt Scheveningen in 1933. Zo ziet het er uit. Close Your Eyes van Bernice Petkere met lieveling Al Bowlly uit datzelfde jaar heeft een duister kantje en maakt het dwingend. En tamelijk zelfbewust. Het doet denken aan Avant de Mourir van Georges Boulanger. Gloomy.

Music play
something dreamy for dancing
while we’re here romancing
It’s love’s holiday
And Love will be our guide

Close your Eyes
When you open them dear
I’ll be right hear by your side
So…

Close your eyes
rest your head on my shoulder and sleep
Close your eyes
And I will close mine

Al Bowlly was gitarist, wereldster en Zuid-Afrikaan en werd in de Londense Blitz in 1941 door een vliegende badkamerdeur gedood. Art Blakey’s Jazz Messengers maken er in Parijs in 1959 een spektakelstuk van. Met Lee Morgan op trompet. Bowlly is korter van stof. Die ene keer. 


Some Day My Prince Will Come

Disney giet zilveren Sneeuwwitje en Bill Evans maakt er goud van. De Bobby Fischer van de Jazz. Midden jaren ’50 onberispelijk begonnen en in 1980 slordig geëindigd. Maar zijn muziek is altijd sober, zelfs naakt en van zet tot zet navolgbaar zoals Billy Holiday of Frank Sinatra elke lettergreep accentueren. Woorden meanderend langs lange lijnen.

Some day my prince will come
Some day we’ll meet again
And away to his castle we’ll go
To be happy forever I know 

Some day when spring is here
We’ll find our love anew
And the birds will sing
And wedding bells will ring
Some day when my dreams come true

De opname op 19 maart 1965 voor het BBC-programma Jazz 625 valt aan het begin van Swinging London. Maar da’s andere swing. Pianist Evans speelt met bassist Chuck Israels en drummer Larry Bunker. Na dit Evans-gambiet is niets meer hetzelfde. Zelfs eeuwige Sneeuwwitje niet.

Couplet 1940

Londen zucht onder de Blitz. Verpleegster zingen op kerstavond. Vast als nachtegalen. Dienen de lantaarns de kerstsfeer of is het bittere noodzaak vanwege de verduistering? Vijf dagen voor de Second Great Fire of London van 29 december 1940. Ze doen moeite onrust weg te nemen. In het besef dat het vredestichtend schouwspel broos is.

Cameraman Gregg Toland tovert met licht. In The Long Voyage Home van John Ford zucht de bemanning van vrachtvaarder Glencairn onder een lange terugreis. De politie van Baltimore heeft er de handen vol aan. Ach, mannen onder elkaar. De oorlog is pas begonnen. Aan het einde van de tunnel is nog geen licht.

Foto 1: Kerstavond, 24 december 1940, Westminster Hospital, Londen

Foto 2: The Long Voyage Home (De lange terugreis) van John Ford, 1940